The last boyscout

Van gieren tot gigabomen

15 september 2019 – Na een fris ontbijt in Chiloquin reden we door eindeloze bossen en kronkelwegen richting Californië. Onderweg een smerige koffie-ervaring bij Dutch Bros, maar ook een prachtige rit langs de reusachtige Redwoods. We sloten de dag af in Klamath, klaar voor een nieuwe dag natuur.

Na het debacle van gisteren mochten we vannacht genieten van een heerlijk luxe hotel. Een fantastisch bed, waarin we vanochtend ook lekker hebben uitgeslapen. De dag stond vooral in het teken van autorijden: terug naar de kust, om daarna Californië in te duiken en de grote bomen te gaan bekijken.

Ontbijtje in Chiloquin

Maar eerst was er ontbijt in het frisse Chiloquin. Het ligt op 1250 meter hoogte en vanmorgen was het er maar 8 graden, al scheen de zon vrolijk. Tijdens het ontbijt hebben we meteen wat dingen “geleend” voor de dag: wat zoetigheid voor op brood en een paar yoghurtjes.

Nadat we de auto weer hadden volgeladen, deden we nog een geocache naast het hotel en begonnen we daarna aan de trip.

Gieren op de weg

Nog even een kleine anekdote van gisteren die ik vergeten was: net voor Crater Lake zaten er een paar grote gieren op de weg, waarschijnlijk te genieten van de resten van een hertje. Daar liggen er hier nogal wat van langs de kant. Eén gier wilde echter niet wijken van zijn maaltijd en vloog pas op het laatste moment omhoog. Ik moest vol op de rem en zo zagen we die enorme vogel van heel dichtbij. Ik denk dat hij nog geen halve meter van onze voorruit verwijderd was!

Vandaag bestond de route vooral uit bossen en eindeloze bergwegen. Zoals de Amerikanen het zo mooi zeggen: “Winding Roads”. Veel afremmen, draaien en weer optrekken.

The Dutch Bros

Onderweg stopten we in Medford om te tanken, en Karin wilde per se langs bij “The Dutch Bros”. Dat was echter ook meteen de laatste keer. We bestelden koffie, maar wat we kregen leek meer op koude melk met een vleugje koffiesmaak. Hela hopla, toedeledokie en weg ermee. Wat een smerig spul. Geen Dutch Bros meer voor ons.

Zo’n tien mijl voor Crescent City verlieten we de hoofdweg en gingen binnendoor via de Howland Hill Road: een grindweg langs de giga bomen van het Jedediah Smith Redwoods State Park. Nou ja, “grindweg” is nog een groot woord. Het leek meer op een pad voor paard en wagen. Maar prachtig was het wél, zo vlak langs die gigantische Redwoods bomen. Soms moest je zelfs stoppen om een tegenligger te laten passeren.

Howland Hill Road

 

We zijn gestopt bij de trail van The Last Boy Scout en hebben die een stuk gelopen, maar niet helemaal. Je blijft er klikken met je camera, maar eigenlijk is het onmogelijk vast te leggen: de bomen zijn simpelweg te groot.

Jedediah Smith Redwoods State Park

Na deze indrukwekkende bossen was het niet ver meer naar Klamath. Dit is een klein indianendorp met een groot hotel, en daar verblijven we nu. Ook hier is weer een casino aanwezig. Ook weer handig, want dan zit er ook meteen een restaurant bij. Daar hebben we net ons avondeten gehad en nu is het weer tijd om te bloggen. Karin kijkt ondertussen Beste Zangers. Altijd handig, zo’n VPN-verbinding: zo kunnen we gewoon Nederlandse tv kijken.

Klamath hotel

Morgen voorspellen ze weer regen, dus we vertrekken vroeg richting Redwood National Park. Tijd om de benen te strekken!

Tot morgen.

Tags: geen tags

Reacties zijn gesloten.